Voetballen is meer dan alleen scoren. Het is leren samenwerken, bewegen, lachen en groeien. Voor de jongste jeugd (JO6 t/m JO10) is het belangrijk dat elke training speels, eenvoudig en leerzaam is. Kinderen in deze leeftijdsgroep ontwikkelen hun motoriek razendsnel, maar hun concentratieboog is nog kort. Daarom werken korte, leuke oefeningen met veel actie het best.
In dit artikel vind je drie favorieten van trainers, die zorgen voor plezier en ontwikkeling. Ze zijn makkelijk uit te voeren, vragen weinig materiaal en zijn ideaal voor teams van 6 tot 12 kinderen.
Oefening 1: De Dierenrace
Doel: snelheid, coördinatie en luisteren naar commando’s
Duur: 10 minuten
Benodigdheden: pionnen of hoedjes (voor de start- en eindlijn)
Uitleg:
Zet twee lijnen uit op het veld: één startlijn en één finishlijn, op ongeveer 15 tot 20 meter afstand van elkaar. De kinderen staan op de startlijn. Jij roept een dier en ze moeten zich zo snel mogelijk voortbewegen als dat dier tot de overkant.
Bijvoorbeeld:
-
“Kikker!” → ze springen met twee benen vooruit
-
“Eend!” → ze lopen hurkend en met gespreide armen
-
“Paard!” → ze galopperen
-
“Slang!” → ze kronkelen over de grond (bij droog weer 😉)
-
“Cheeta!” → ze sprinten met volle snelheid
De eerste die de overkant bereikt, krijgt een punt (of een high five). Daarna roep je een nieuw dier en begint het spel opnieuw.
Waarom het werkt:
Kinderen vinden het geweldig om te bewegen als dieren, het spreekt hun fantasie aan. Ondertussen oefenen ze hun loopscholing, balans, kracht en reactiesnelheid zonder dat ze doorhebben dat ze trainen. Bovendien leer je ze luisteren naar commando’s en snel schakelen, iets wat ook in wedstrijden belangrijk is.
Oefening 2: De Pionnenroof
Doel: samenspel, snelheid en ruimtelijk inzicht
Duur: 10–15 minuten
Benodigdheden: 15 tot 20 pionnen of kleine hoedjes
Uitleg:
Verdeel het veld in drie zones:
-
Twee “kampen” (links en rechts)
-
Een “neutrale zone” in het midden
Zet in elk kamp 5 tot 8 pionnen neer. Verdeel de kinderen in twee teams (bijvoorbeeld rood en blauw). Op jouw fluitsignaal mogen ze naar het andere kamp rennen, één pion pakken en terugrennen naar hun eigen kant. Maar ze mogen onderweg niet getikt worden!
Om het spannend te maken:
-
In de neutrale zone mag iedereen vrij bewegen.
-
Zodra ze in het andere kamp komen, mogen de tegenstanders tikken.
-
Word je getikt? Dan leg je de pion terug en ren je naar je eigen kamp.
Na 2 tot 3 minuten stop je het spel en tel je hoeveel pionnen elk team heeft verzameld. Herhaal het meerdere keren met kleine aanpassingen (bijv. met twee pionnen tegelijk, of tikken met een bal aan de voet).
Waarom het werkt:
Deze oefening combineert rennen, mikken, samenwerken en nadenken. Kinderen leren inschatten wanneer ze moeten rennen, verdedigen of juist wachten. Het voelt als een spelletje, maar stimuleert tactisch inzicht, reactievermogen en teamgevoel. Allemaal zonder dat het ‘moet’.
Ouders die meekijken zien bovendien hoe goed hun kind leert bewegen en samenwerken in een speelse setting.
Oefening 3: Mini-partijtjes met gekke regels
Doel: balgevoel, creativiteit en plezier in het spel
Duur: 15–20 minuten
Benodigdheden: pionnen voor kleine veldjes, meerdere ballen
Uitleg:
Kinderen zijn dol op partijtjes, maar om het interessant te houden kun je variaties toevoegen. Verdeel het team in kleine groepjes (3 tegen 3 of 4 tegen 4) en laat ze korte wedstrijdjes spelen van 3-4 minuten.
Elke ronde geef je een nieuwe, gekke regel, bijvoorbeeld:
-
Alleen scoren na een schijnbeweging
-
Elke speler moet de bal minstens één keer raken voor er gescoord mag worden
-
Doelpunt telt pas als er gejuicht wordt 🎉
-
Gebruik alleen je zwakkere voet
-
Het team met de meeste passes wint, niet met de meeste goals
Zo blijft het spel fris, grappig en uitdagend. Laat na elke ronde de kinderen kort zeggen wat ze leuk vonden of wat ze anders zouden doen.
Waarom het werkt:
Deze oefening stimuleert creativiteit, samenwerking en spelinzicht. Doordat kinderen elke ronde een nieuwe regel krijgen, leren ze flexibel te denken en het spel op verschillende manieren te benaderen. Trainers merken vaak dat juist de stilste of minst technische spelers hier opbloeien, omdat iedereen succes kan ervaren.
Extra tip voor trainers en ouders
Zorg ervoor dat elke oefening eindigt met positieve feedback. Bij jonge kinderen is het niet belangrijk wie wint, maar dat ze enthousiast en trots het veld verlaten.
Een simpel “Wat deed je dat goed!” of “Mooi geprobeerd!” doet wonderen voor hun zelfvertrouwen.
Laat ouders tijdens of na de training ook meehelpen door te complimenteren in plaats van te coachen (“Leuk dat je zo goed geluisterd hebt!” in plaats van “Je moest harder rennen”). Samen creëren jullie een sfeer waarin kinderen plezier, beweging en groei ervaren. De visie van VoetbalMaatjes.nl.
Plezier is de beste training
Of het nu de Dierenrace, Pionnenroof of een partijtje met gekke regels is – de boodschap is simpel: hoe meer plezier, hoe meer kinderen leren. Trainers die met speelse oefeningen werken, bouwen niet alleen betere voetballers, maar ook zelfverzekerde kinderen. En dat is waar het allemaal om draait.